Vorige week ontwaarde ik zowaar een (voor mij) nieuwe populistische communicatievorm. In het Engels zou je het Emotionalistic Communications kunnen noemen. Ja, dat woord bestaat. In het kort komt het erop neer dat je eigen emotie de boodschap IS, en daarmee controleer je het narratief. Op korte termijn is dat bijzonder effectief, zo zagen we vorige week. Het journalistieke antwoord kwam nog niet uit de verf, maar lijkt me eigenlijk niet zo moeilijk.
Bij communicatie is framing heel belangrijk. Elk frame heeft een held, een schurk en een slachtoffer – het sprookje is de oervariant ervan. Het kan bijzonder nuttig zijn om uit te leggen waar je staat dus er is op zich niks mis mee.
De populistische variant is problematischer, daarbij positioneer je jezelf als slachtoffer, iemand anders is de schurk (de wetenschap, de rechterlijke macht, de journalistiek). Je roept er boosheid en verontwaardiging mee op bij het publiek. Dat publiek mag de ‘held’ zijn door in het toetsenbord te klimmen en de ‘schurk’ met haat te bestrooien. Je zaait boosheid en je oogst cynisme, maar helaas zijn we er allang aan gewend. Niet alleen puur populistische partijen doen het, je ziet het overal.
Maar vorige week zag ik een nieuwe variant. Daarbij ben je ook het slachtoffer, maar nu gaat het niet om het oproepen van een emotie bij je publiek. Je eigen emotie is de boodschap. “Ik ben nu veel te boos om die vraag te beantwoorden/daarover na te denken¨.
Ik kan me niet goed voorstellen dat er een journalist was die dat echt geloofde – zo verrassend was de val van het kabinet dinsdag nu ook weer niet. Maar als je terugduwt (‘speelt u die boosheid niet een beetje?’) ben jij als journalist opeens de schurk in het verhaal. Je zit aan alle kanten klem.
Op korte termijn is het dus heel effectief: iedereen schreef het op en zond de quotes uit. ‘Het controleren van de macht’, de kerntaak van de journalistiek was op dat moment onmogelijk. De vragen zijn daarmee natuurlijk niet verdwenen, maar als je behendig bent in ‘flood the zone’, kun je ermee wegkomen.
Is er geen manier om hier vanuit de journalistiek beter mee om te gaan? Lijkt me wel. Gebruik de quotes niet letterlijk, maar vertel je publiek: ¨de politicus gaf aan nog te emotioneel te zijn om inhoudelijk op deze vraag te reageren’. Ik schat in dat ze er dan weer vrij snel mee ophouden.
Michel
Photo by Andre Hunter on Unsplash

@MichelvanBaal@mastodon.social
Ik vind dat je bij deze door de wol geverfde en gemediatrainde en met een voorlichter of assistent omgeven politici best wat strenger kan zijn en kan schrijven:
De politicus was niet bereikbaar voor commentaar.
Of:
De politicus wilde niet reageren.
Dan vermijd je het woordje ‘boos’. En dat wil je graag, want als je ‘boos’ gebruikt, ga je toch mee in het frame.
Bovendien hebben politici een hekel aan het zinnetje dat ze niet bereikbaar zijn.